Fijn zo’n zorginnovatie, maar moet ik dan ook anders gaan werken?

Het effect dat de introductie van een innovatie op een zorgproces heeft wordt zwaar onderschat. Waar we veel lezen over de positieve resultaten die zo’n innovatie heeft op gezondheid of de zorgkosten, lezen we nauwelijks wat dit dan voor de dagelijkse praktijk betekent.

Een gemiste kans, want als die veelbelovende zorginnovatie niet in de dagelijkse praktijk gebruikt wordt, komt er van al die beloftes weinig terecht.

Met de introductie van een zorginnovatie moet een werkroutine veranderen

Stellingen dat artsen of andere zorgverleners veel te star zijn om zorginnovaties te omarmen zijn te kort door de bocht. Het is complexer dan het lijkt. Bij de introductie van een nieuw apparaat komen al gauw een hoop stakeholders kijken: een investment commissie beoordeeld de potentie, risico’s en benodigde investering en geeft haar oordeel. De individuele arts moet overtuigd worden van het nut. De zorgverzekeraar wordt gevraagd voor project- en structurele financiering. En niet onbelangrijk: de werkvloer moet het nieuwe apparaat gaan gebruiken.

En bij dat gebruik in de dagelijkse praktijk zit een belangrijk knelpunt. Waar we namelijk vooral focussen op de effecten als het apparaat gebruikt wordt, vergeet men nog al eens wat er moet gebeuren om het apparaat te gaan gebruiken.

Vaak was er al een werkwijze ingericht: metingen die nu thuis verricht kunnen worden, werden bij de verpleegkundige gedaan. Metingen die nu geautomatiseerd worden, werden voorheen handmatig gedaan.

Dat betekent twee dingen:

(1) er moet een nieuwe werkwijze aangeleerd worden, en

(2) er moet een oude werkwijze afgeleerd worden.

Ter illustratie: afgelopen week nog sprak ik met een arts over de introductie van een nieuw apparaat. Deze arts was zeer enthousiast over het apparaat en wilde meehelpen het breed te introduceren. Toen ik hem vroeg of hij dit apparaat nu voor hem de dagelijkse standaard was geworden was het antwoord simpel: “Nee, daarvoor is een totaal redesign van het proces nodig en daar hebben we nog geen tijd voor gehad.”

Saillant detail: de betreffende arts werkte nu al 7 jaar met (een prototype van) het apparaat.

Zorginnovaties introduceren door oog te hebben voor de dagelijkse praktijk

Natuurlijk is het gebruik niet altijd de doorslaggevende factor. Natuurlijk moet je ook focussen op de resultaten en de business case. Maar het helpt zeker als je bij de introductie van nieuwe zorginnovaties ook onderzoekt wat dit voor de dagelijkse praktijk betekent. Let er daarbij op dat je oog hebt voor het brede geheel: vaak moet zelfs de secretaresse of doktersassistente anders afspraken inplannen om op de nieuwe manier te gaan werken.

Er zijn goede methoden die kunnen helpen: zo kan je een patiënt- en zorgverlenersreis opstellen waarin je de aanpassingen aanduid. Het voordeel daarvan is dat je meteen de belangen van twee eindgebruikers in beeld brengt.

Ook kun je kiezen voor meer algemenere methoden als Business Process Redesign of Lean Thinking.

Hebt u vragen over procesverandering of wilt u eens een keer brainstormen over een knelpunt waar u tegenaan loopt? Wij staan u graag te woord!